Verzorging

De verzorging van een valkparkiet is niet moeilijk. Hieronder een aantal punten waaraan gedacht kan worden.

Gedrag

In feite geldt voor elk gedrag van valkparkieten wat niet geaccepteerd kan worden: aanleren is eenvoudiger als afleren. Goed gedrag dus altijd belonen door geruststellend praten, wat aaien of wat lekkers aanbieden. Verkeerd gedrag rustig herstellen door direct te verbeteren en dan belonen.
Wanneer je je valkparkiet uit de kooi wilt halen, kun dit het beste altijd op dezelfde manier doen.
Zomaar het deurtje open zetten zodat de valk er zelf uit kan komen is niet verstandig. Zou je bijvoorbeeld alleen maar even in de kooi zijn om wat voer te vervangen dan is dat voor een valkparkiet het signaal in de vorm van "deur open = eruit". En dat is dan net even ongewenst, de valk moet direct weer de kooi in en de tamme valk snapt er niets meer van. Welke manier je gebruikt is onbelangrijk, als je maar altijd het zelfde doet.

Een goede methode is de hand in de kooi brengen, een vinger of vlakke hand als opstapje laten gebruiken, rustig praten, naam gebruiken en de valk naar de plek brengen waar het verblijf buiten de kooi altijd mag beginnen: op een schouder, op een klimboom, op tafel of waar dan ook. Altijd hetzelfde, ritueel!

Jonge valkparkieten gaan op verkenning buiten de kooi en kunnen dan dingen doen die niet acceptabel zijn: aan planten zitten, in de gordijnen gaan hangen, aan kaarsen gaan knabbelen. Laat de valk direct weten dat dat niet goed is: Door de aandacht van de valkparkiet af te leiden. Bijvoorbeeld door hem te roepen, een opstapvinger aan te bieden en de valk naar een andere plaats te brengen. Bij voorkeur de plek waar ook het verblijf buiten de kooi normaal begint. Een speeltje aanbieden, wat lekkers geven of wat kroelen of aaien verlegt de aandacht.

De meeste valken vinden het heerlijk als ze over de kop geaaid worden, of onder de vleugels, over de borst. Sommige valkparkieten vinden het eng om een hand over zich te hebben en vinden dat bedreigend. Houdt alle bewegingen rustig en langzaam. Gaat een valkparkiet zichzelf verzorgen en poetsen dan is dat een bewijs dat de valk zich op zijn gemak voelt. Vastpakken met volle hand vinden de meeste valkparkieten niet fijn, voorkom dat zoveel mogelijk.

Als je je valkje weer naar de kooi wilt brengen; praat, gebruik de naam, biedt de opstapvinger of hand aan, aai eventueel nog eens en breng de valk weer naar de kooi. Ga nooit jagen en gebruik nooit een vangnet. Probeer het zonodig enige minuten later nog eens. Wordt nooit boos, schreeuw niet, maak geen abrupte, laat staan slaande, bewegingen, kortom: wordt niet agressief. Blijf kalm, rustig, praat, gebruik de naam: dan vertrouwt de valk zijn verzorger(s) en is en blijft er een goede relatie. Ga dus niet vlak voor je weg gaat je valkje terug in zijn kooi zetten. De kans op gejaag en dus stress is dan vrij groot!

Regelmaat

Een valkparkiet erg gesteld op regelmaat. Wanneer schoon water en nieuw voer elke dag weer op dezelfde tijd aangeboden wordt dan zal de valk hier op reageren. Wanneer de eerste tekenen van deze handelingen zichtbaar zijn, dan zal de valk actiever worden, wellicht zijn zangtalenten gaan gebruiken en direct na het verstrekken van het nieuwe voer zich eraan te goed gaan doen. Zo ook de dagelijkse periodes dat de valkparkiet buiten zijn kooi mag verblijven. Als dat bijvoorbeeld altijd is op het moment dat op TV de dagelijkse soapserie start dan zal de valk prompt vragen om aandacht wanneer het eens juist op dat moment vergeten wordt.

Regelmaat is ook belangrijk om bepaalde onhebbelijkheden juist te voorkomen. Mag bijvoorbeeld de valkparkiet altijd uit zijn kooi tijdens of direct na het avondeten van de familie, dan zal dat in eerste instantie leuk lijken. De valk zal op tafel op zoek gaan naar wat eetbaars en zich bijvoorbeeld vermaken met wat aardappelkruim of rijstkorrels, soms tot grote hilariteit van diegenen die aan tafel zitten. Maar op een bepaalde dag zijn er gasten en is iedereen aan tafel verschenen in fraaie kleren. En dan mag de valk niet uit zijn kooi. De valkparkiet snapt dat echt niet en zal rumoerig om aandacht vragen.

Ook is regelmaat belangrijk voor de verzorger(s). Er moet sprake zijn van een bepaalde routine. Op het moment dat de valkparkiet uit zijn of haar kooi mag, moet eerst vastgesteld worden of alles veilig is. Zijn deuren en ramen gesloten? Staan er geen bakken met afwaswater of gevulde emmers? Zijn we niet net wat aan het koken? In principe mag de deur van de kooi pas open als zeker is dat alles voor de valkparkiet veilig is. Rondkijken dus, omgeving controleren, dan pas het deurtje openen! Dit moet gewoon routine worden.

Uitkijken met regelmaat en routine

Bepaalde gewoontes kunnen ook juist gevaarlijk zijn. Je kunt zo wennen aan de aanwezigheid van de valk op je schouder dat je gewoon vergeet dat er een zit. En dan loop je, zonder erbij na te denken, zomaar ineens naar buiten. Grote kans dat de valkparkiet, hoe tam ook, de vleugels uitslaat en de omgeving eens gaat verkennen. Een buitenleven voor een valkparkiet mag aantrekkelijk lijken, maar vergeet niet dat een tamme valkparkiet nooit geleerd heeft om op zoek te gaan naar voedsel. Overleven buiten, hoewel de weersomstandigheden dat niet uitsluiten, is dus bijna uitgesloten. De kans is groot dat de valk ergens "aanvliegt", een tehuis zoekt hij andere mensen. Het is verstandig de gegevens op de vaste pootring te noteren en goed te bewaren. Met deze gegevens kan de eigenaar van de valkparkiet worden gezocht. Via de bondsgegevens kan men bij de kweker terechtkomen en via de kweker weer bij de eigenaar van de valkparkiet.

Speelgoed

Een valkparkiet heeft een sterke snavel en kan daarmee aardig slopen.
Speelgoed moet dus stevig genoeg zijn of juist kapot mogen gaan. Veel valkparkieten schommelen graag en veel, een schommel zou dan ook een standaard attribuut in de kooi kunnen zijn.
Speelgoed moet van tijd tot tijd vervangen worden. Elke dag spelen met hetzelfde belletje kan vervelen. Na verloop van tijd dan weer het oude belletje terug en de valk heeft weer wat "nieuws" om te spelen. Hierbij dus geen regelmaat aanhouden is belangrijk voor het welzijn van de tamme valkparkiet.
Klimmen en klauteren doen valkparkieten ook graag. Een stuk sisaltouw in de kooi kan een extra klauter object zijn. Let er op dat er geen lussen ontstaan; dit kan als een strop gaan functioneren. Een spiegel, mits stevig, kan in de kooi opgehangen worden. Een valkparkiet zal in een spiegel niet zichzelf herkennen maar denken dat er een andere valk aanwezig is. Dit kan leuke momenten opleveren. Mocht de valk echter broeds zijn dan kan een spiegel ook een negatieve uitwerking hebben: de valk wordt verliefd op het spiegelbeeld en kan wat agressiever ten opzichte van de verzorger(s) worden. Verwijder dan (tijdelijk) de spiegel.
Belletjes wekken ook altijd de aandacht: het maakt geluid en een valk kan dan eindeloos hiermee gaan spelen. Dit tot ergernis van de omgeving. Ook hier is weer van toepassing: haal het belletje af en toe een tijdje weg. Komt het belletje op een dag weer terug in de kooi dan heeft de valk weer wat "nieuws" om mee te spelen. Afwisselen dus.
Doosjes zoals ook eierdozen kunnen volkomen verscheurd worden en ook hiermee kan een valkparkiet zich uren vermaken.

Takjes van wilgen of fruitbomen zijn ook welkome speeltjes. Sommige valken zullen sommige takjes volkomen versnipperen en er uren mee bezig zijn. Ook hier weer: niet elke dag een nieuw takje want dan gaat de interesse van de valk verloren.

Baden en veer verzorging

Elke dag zal een valkparkiet aandacht besteden aan de verzorging van de veren. Na een bad of een sproeibeurt wordt de valk wel gedwongen dat te doen. Dus ook dit is een aardige bezigheid voor een valkparkiet.

Je valk zal na het vinden van vers badwater, wat natuurlijk op een aangename temperatuur moet zijn, een bad nemen. En vervolgens moet de vogel opdrogen en dat kost tijd. Dus: niet vlak voor de nacht een bad aanbieden. En ook niet in de volle zon of wanneer er sprake is van tocht. Overigens gaat niet elke valk graag in bad, er zijn er die er zelfs een hartgrondige hekel aan hebben. Een alternatief kan zijn het besproeien of benevelen met een plantenspuit. Denk er hierbij aan geen plantenspuit te gebruiken waarin wel eens bestrijdingsmiddelen zijn gebruikt. En ook dat de plantenspuit gevuld is met vers, op aangename temperatuur gebracht water. Test ook eerst de plantenspuit op de verneveling zodat er geen sprake is van een harde en gerichte straal. Ik doe aardig heet water in de plantenspuit. Voordat het water vernevelt op je valkje terecht komt is het al afgekoeld in de lucht. Denk maar aan een douche sproeier waarbij het water dicht bij de kop heter is, dan het water wat op de huid terecht komt.

Ziek

Valkparkieten kunnen ongeveer 20 jaar oud worden. Bij de volgende verschijnselen is het belangrijk, advies aan de dierenarts te vragen: slecht eten, bol zitten, vermageren, kale plekken, overmatig plukken en krabben, dunne en vreemd gekleurde uitwerpselen, en als ze lusteloos op de grond zitten.
Verder kunnen ze last hebben van te lang doorgegroeide nagels en snavel en van het ringetje om hun poot.
Bij verkoudheid is tocht de meest waarschijnlijke oorzaak, maar ook kan een plotselinge temperatuursdaling of gebrek aan voldoende voeding de oorzaak zijn. Breng het valkje naar een andere kooi en houd hem daar goed warm. Laat de vogel niet eerder terug de volière, voordat hij weer volkomen in orde is, wat gewoonlijk wel enkele dagen zal duren. Door verkeerde of bedorven voedsel, kou op de maag of een virusziekte kan uw valkparkiet diarree krijgen. Maak in dat geval het gebied rond de anus zorgvuldig schoon met warm water. Dep het gebied vervolgens droog met een zachte doek of tissuepapier. Een warmtebehandeling is hier niet goed, maar een eenvoudige voeding zonder groenvoer zal behoorlijk snel verlichting brengen. Als dat niet helpt, doe je er verstandig aan je dierenarts te raadplegen.
Een onjuiste voeding kan bij valken ook aanleiding zijn tot verstopping. Door wat meer groenvoer te geven, zal dit euvel vaak spoedig verholpen zijn.

Bij een abnormale groei van de snavel of de nagels van je valkparkiet, kan het noodzakelijk zijn deze te moeten knippen. Als je geen ervaring hebt in het knippen van snavels of nagels, dien je een kweker of dierenarts te vragen dit karweitje voor je te doen. Ga er nooit zelf aan knippen!
Op de foto hiernaast staan verschillende zitstokken afgebeeld die de nagels op een natuurlijke manier slijten.

Verwondingen moet je altijd goed schoon te maken met een licht desinfectie middel en daarna met een antiseptisch poeder bestuiven. Bij ernstige verwondingen ga je uiteraard direct naar de dierenarts. Ook gebroken vleugels of gebroken poot laat je aan de dierenarts over. Ga nooit zelf zomaar 'dokteren'!








Copyright © 2006-2012 Flevovalkenhof